arrow_rightarrow_righticon_excelicon_pficon_ppticon_wordmagnifier

Woensdag 20 november

woensdag 20 nov

V&VN Oncologiedagen dag II

07:30

Registratie ontbijtsymposia

Ontbijtsymposia

Deelname is inclusief ontbijt

08:00

Ontbijtsymposium III: Palliatieve zorg; tot hoever gaan we?

Deze ontbijtmeeting wordt vormgegeven door het netwerk LOOV

Er worden steeds meer patiënten behandeld in de palliatieve fase waarbij er gestreefd wordt naar het verlengen van het leven met een behoud van kwaliteit van leven. Voor deze patiënten houdt dit in dat er steeds keuzes gemaakt moeten worden t.a.v. het behandelen. In deze besluitname is het van belang om na te gaan wat belangrijk is voor de patiënt. Waar ligt een markering en grenzen voor de patiënt en diens naasten? Voor de ontwikkeling van behandelingen is wetenschappelijk onderzoek noodzakelijk. Wetenschappelijk onderzoek vindt op verschillende manieren plaats. Veelal worden hier patiënten in betrokken voor wie een reguliere behandeling niet meer mogelijk is. Hoe ga je om met patiënten die hier bewust voor kiezen en weten dat ze eigenlijk niets kunnen en mogen verwachten van deze behandeling. Waar ligt dan de grens? En hoe zorg je voor een optimale begeleiding t.a.v. een onvermijdelijk sterven.

08.00 – 08.10     Opening door de voorzitter
Mevr. Natascha Schrama, MANP, verpleegkundig specialist, St. Antonius ziekenhuis, Utrecht/Nieuwegein

08.10 – 08.45     Palliatieve zorg: van reageren naar anticiperen
Mevr. Ingrid van Asseldonk, MANP, verpleegkundig specialist, Elkerliek ziekenhuis, Helmond

08.45 – 09.20     Palliatieve zorg en fase 1 onderzoek gaan hand in hand
Mevr. Anne Marije Luik, research verpleegkundige, Amsterdam UMC

09.20 – 09.25     Vragen + afsluiting
Mevr. Natascha Schrama, MANP, verpleegkundig specialist, St. Antonius ziekenhuis, Utrecht/Nieuwegein

Ingrid van Asseldonk is werkzaam als verpleegkundig specialist Palliatieve zorg in het Elkerliek ziekenhuis te Helmond. Zij zal met name het scenariodenken toelichten wat helpend kan zijn voor de patiënt die keuzes moet maken t.a.v. het behandelplan. Lees hier meer over haar voordracht: Palliatieve zorg: van reageren naar anticiperen

Anne Marije Luik is werkzaam in het Amsterdam UMC loc VUMc als researchverpleegkundige waar zij met name patienten begeleidt die betrokken zijn in fase 1 onderzoek. Meer informatie over haar voordracht: Palliatieve zorg en fase 1 onderzoek gaan hand in hand lees je hier! 

Ingrid van Asseldonk

Ingrid van Asseldonk

Verpleegkundig specialist palliatieve geneeskunde, Elkerliek ziekenhuis

Anne Marije Luik

Anne Marije Luik,

researchverpleegkundige, Amsterdam UMC

08:00

Ontbijtsymposium IV: Vroege opsporing is de sleutel naar de juiste behandeling bij longkanker

Deze ontbijtmeeting wordt vormgegeven en mede mogelijk gemaakt door AstraZeneca

Er zijn steeds betere behandelmogelijkheden voor mensen die worden getroffen door longkanker. Om de longkankerzorg en overleving te verbeteren is goede medicatie alleen niet voldoende. Vroege opsporing, snelle en gedegen diagnostiek, en gerichte ondersteuning voor, tijdens en na de behandeling. Al deze elementen zijn cruciaal om voor iedere patiënt de juiste behandeling te bepalen en daarmee de kans op overleven of langer leven te vergroten met een zo hoog mogelijke kwaliteit van leven.

Een patholoog zal bespreken dat een compleet biomarker profiel essentieel is voor een optimale behandeling bij longkanker. Hierbij zullen ontwikkelingen en optimalisatie binnen diagnostiek zorgen voor een toename van het aantal patiënten dat wordt getest, versnelling van het diagnoseproces en een accurater testresultaat.
In de tweede presentatie zal het gaan om de rol van diagnostiek en vroege screening, de toenemende behandelmogelijkheden én de rol van de patiënt in het bepalen van de behandelstrategie. Verder zal de rol van de verpleegkundig specialist besproken worden als coördinator en vast aanspreekpunt voor de patiënt in het ziekte- en behandelproces. Welke tools en handvaten zijn van belang om patiënten zo optimaal mogelijk te informeren over, voor te bereiden op en te begeleiden tijdens en na de behandeling?

09:00

Ontvangst + registratie

Opening beursvloer

Plenair ochtend programma

10:00

Opening

Natascha Schrama, voorzitter Commissie V & VN Oncologiedagen

10:05

Welkomstwoord; Voortdurende vooruitgang binnen de V&VN Oncologie

Cora Vegter, voorzitter V & VN Oncologie

Cora Vegter, voorzitter van V&VN Oncologie, zal tijdens haar openingsspeech spreken over de voortdurende verandering die in de vereniging plaatsvindt.

Op alle vlakken staat de oncologische zorg continu in ontwikkeling. Voortvarend en proactief pakken de commissies, de tumor- en themawerkgroepen, de netwerken en het bestuur grote thema’s op die volop in beweging zijn. Van digitaliseringsprojecten, chemotherapie in de eerste lijn, het project vast aanspreekpunt tot het ontwerpen van een nieuwe website en het nieuwe platform ‘mijn V&VN’.

Cora zal jullie in vogelvlucht meenemen op de V&VN Oncologie reis. Voortdurend samen vooruit.

10:15

KEY-NOTE: Wanda de Kanter & Nanda Wiegman, Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis

Wanda de Kanter zal deze ochtend een update geven over  de gevolgen van roken op de behandeling en op het ontstaan van kanker.
Zij zal dit samen verzorgen met de oncologie verpleegkundige/ stoppen met roken coach van het Antoni van Leeuwenhoek Nanda Wiegman

Zij zullen een motiverend gesprek laten zien hoe je op een niet moraliserende manier een gesprek kunt voeren over het stoppen met roken en zij zullen de beginselen van de cognitieve gedragstherapie laten zien: hoe je je zelf met gedachte kronkels voor de gek kunt houden. Er zal een klein uitstapje worden gemaakt naar waarom activisme/ volhardendheid  effectiever  is dan polderen in deze materie

11:00

Pauze

11:30

Voeding- en leefstijl bij het ontstaan en de prognose van kanker

Ellen Kampman, professor in Nutrition and Disease, Wageningen Universiteit

Voeding- en leefstijl spelen een belangrijke rol bij het ontstaan van kanker. Meer dan 10.000 wetenschappelijke studies naar voeding en beweging bij het ontstaan kanker hebben geleid tot de Richtlijnen voor Kankerpreventie. De nieuwste versie van deze richtlijnen uit 2018 worden ook aanbevolen voor mensen die kanker hebben of hebben gehad. Het volgen van deze richtlijnen blijkt zowel het ontstaan van kanker als de progressie van kanker gunstig te kunnen beïnvloeden. Maar wie houdt zich aan de richtlijnen?  Hoe kan de zorg het volgen van de richtlijnen bevorderen?

12:15

Uitreiking Oeuvre Award

12:30

Lunch

12:45 - 14:15 Lunchsymposium II: Hot Topics in de hematologie

Deelname inclusief lunch

12:45

Hot Topics uit de Hematologie

Deze meeting wordt mede vormgegeven door de tumorwerkgroep Hematologie

Tijdens deze sessie gaan we in op vier hot topics uit de Hematologie.

Allereerst spreekt Dr. Moniek de Witte (UMCU) over TEG001 CELLEN: Genetisch gemodificeerde afweerzellen met een brede tumor reactiviteit die onder andere Acute Myeloïde Leukemie zouden moeten kunnen aanvallen en opruimen. Zijn er in de toekomst misschien geen stamceltransplantaties meer nodig? En wat zijn de haken en ogen aan deze nieuwe behandelmethode?

Jeanette Doorduijn (Erasmus MC) zal vervolgens ingaan op de rol van autologe stamceltransplantatie (ASCT) bij een primair centraal zenuwstelsel lymfoom. Het primair CZS lymfoom wordt voornamelijk behandeld met chemotherapie of met bestraling. Wanneer komt een ASCT in beeld?

Het derde hot topic is de B-cel receptor pathway remmers bij CLL: praktische eigenaardigheden.
CLL cellen zijn maligne B-cellen. Een gezonde B-cel wordt actief wanneer zijn B-cel receptor het antigeen bindt dat er precies op past. Door deze binding wordt de celkern geactiveerd en gaat de B-cel grote hoeveelheden immuunglobulinen produceren en wordt gepromoot dat deze B-cel in leven blijft. De B-cel receptor pathway eiwitten zorgen er voor dat het bindingssignaal de celkern bereikt. CLL cellen blijven in leven de doordat B-cel receptor pathway eiwitten “aan staan” zonder binding van een antigeen aan de B-cel receptor. Remming van B-cel receptor pathway eiwitten doet CLL cellen gemakkelijker sterven. Op dit moment zijn er drie soorten B-cel receptor pathway eiwit-remmers: ibrutinib, idelalisib en venetoclax. Elk heeft een eigen scala aan bijwerkingen en praktische eigenaardigheden die tijdens de lezing worden toegelicht

Het vierde hot topic zal gaan over Continue thuistoediening van chemo- en immunotherapie binnen de hematologie. Momenteel zijn DA-EPOCH-R en blinatumomab schema’s van middelen die thuis via een continue toediening gegeven kunnen worden. Bij welke hematologische ziekte is thuistoediening mogelijk. Hoe wordt dit logistiek geregeld, welke disciplines zijn betrokken, wie is waarvoor verantwoordelijk en hoe wordt dit door de patiënt beleefd?

Dit zijn vragen die besproken worden door een hematoloog en een verpleegkundig specialist aan de hand van 2 praktijkvoorbeelden.

Programma 
12:45 – 12.50 Opening door de voorzitter
Mevr. R. (Rixt) Bode, Seniorverpleegkundige hematologie, UMCG, Groningen

12.50 – 13.10 TEG001 CELLEN: Genetisch gemodificeerde afweerzellen met een brede tumor reactiviteit
Mevr. Dr. M.A. (Moniek) de Witte, Internist-hematoloog, UMC Utrecht
Lees meer..

13.10 – 13.30 De rol van autologe stamceltransplantatie (ASCT) bij een primair centraal zenuwstelsel Lymfoom
Mevr. Dr. J.K. (Jeanette) Doorduijn, Internist-hematoloog, Erasmus MC, Rotterdam

13.30 – 13.50 B-cel receptor pathway remmers bij CLL: praktische eigenaardigheden
Dhr. dr. M. (Michel) van Gelder, Internist-hematoloog, MUMC, Maastricht
Lees meer..

13.50 – 14.10 Continue thuistoediening van chemo- en immunotherapie binnen de hematologie
Mevr. Drs. C.S. (Claudia) Ootjers, Internist-hematoloog, LUMC, Leiden
Mevr. M.A. (Mirjam) Oudshoorn, Verpleegkundig specialist hematologie, LUMC, Leiden

Moniek de Witte

Dr. M.A. (Moniek) de Witte

Internist-hematoloog, UMC Utrecht

Jeanette Doorduijn

Dr. J.K. (Jeannette) Doorduijn

Internist-hematoloog, Erasmus MC

Michel van Gelder

Dhr. dr. M. (Michel) van Gelder

Internist-hematoloog, MUMC, Maastricht

Claudia Ootjers

Drs. C.S. (Claudia) Ootjers

Internist-hematoloog, LUMC, Leiden

Mirjam Oudshoorn

Mevr. M.A. (Mirjam) Oudshoorn

Verpleegkundig specialist hematologie, LUMC, Leiden

13:00 - 13:20 Poster Pitch sessie

Waar? Op de beursvloer

13:00

PP5: Waarom moeilijk doen als het samen kan

Eelke Lemmens, St. Antonius Ziekenhuis

13:05

PP6: Buddyhuis St. Antonius Ziekenhuis

Claudia Bargon, St. Antonius Ziekenhuis

13:10

PP7: “Logisch? Oncologisch!” Spelenderwijs kennis vergroten met bordspel

Annette Schellekens-Frijters, ETZ

13:15

PP8: Verpleegkundige aspecten van Lutetium-177-PSMA therapie voor behandeling van prostaatkanker

Joyce Groen, UMC Utrecht

13:30

Parallel ronde IV

Zie onderstaand meer informatie met betrekking tot parallelsessie 14 t/m 18

Sessie 14: Vast aanspreekpunt in de oncologische zorg

Voorzitter: Siska Rekmans

13:30

Interactief debat onder leiding van:

Brigit Kistemaker, V&VN Oncologie Roos Schrijer, V&VN Oncologie

Sessie 15: E-Health

Voorzitter: Danny Quadvlieg

13:30

CMyLife platform geeft patiënt eigen regie en maakt zorg ziekenhuisloos en persoonsgericht!

Nicole Blijlevens, Radboudumc

De website CMyLife is een platform voor patiënten met een chronische myeloïde leukemie, betrokkenen en zorgverleners. Dr. Nicole Blijlevens zal tijdens deze sessie samen met een patiënt laten zien hoe de huidige zorg door gebruik van E-Health voor patiënten met CML anders en hopelijk nog beter vorm gegeven kan worden.

 

Nicole Blijlevens

Nicole Blijlevens

hoogleraar - Faculteit der Medische Wetenschappen (UMCN), Radboudumc

14:00

Hoe ziet de zorg er over 10 jaar uit? Alles over eHealth en andere digitale innovaties

Paulien Verlaan, NKI

De wereld om ons heen verandert. Waren we 10 jaar geleden nog maar net gewend aan een mobiele telefoon, tegenwoordig kunnen we met diezelfde telefoon real time zien waar de files staan en of de trein vertraging heeft. We kunnen met een paar klikken onze garderobe aanvullen, maar ook even geld overboeken of je avondeten uitkiezen en thuis laten bezorgen. Allemaal dankzij internettechnologie.

Diezelfde verandering vindt ook plaats in de zorg. We merken nu al dat patiënten steeds vaker eerst hun klachten aan Dr. Google voorleggen, voordat ze naar de huisarts gaan. En je telefoon houdt – misschien wel zonder dat je het weet – elke dag bij of je wel genoeg trappen hebt gelopen.

Dit zijn nog maar de eerste digitale stapjes in de gezondheidszorg. Maar hoe ziet de zorg er over 10 jaar uit? Welke digitale innovaties zijn dan ingeburgerd?

Sessie 16: Workshop - Psychosociale Zorg, adviseren en verwijzen

Voorzitter: Michel Naus

13:30

Workshop - Psychosociale Zorg, adviseren en verwijzen

Syllie Vermeer, JBZ & Ankie Krol-Verhaar, UMC Utrecht

Elke patiënt met kanker gaat op zijn of haar eigen manier om met de diagnose kanker en de eventuele gevolgen van de kanker en de behandeling.

Maar ook elke verpleegkundige of verpleegkundig specialist geeft op zijn of haar eigen wijze advies en verwijst met betrekking tot de psychosociale gevolgen.

In deze workshop staan we stil bij verwijzen en onze eigen sociale kaart. Wat kunnen we van elkaar leren. Waarheen verwijs je, hoe ziet jouw sociale kaart eruit?

Samen hopen we onze sociale kaart uit te breiden in het belang van optimale oncologische zorgverlening.

Syllie Vermeer

Syllie Vermeer

verpleegkundig specialist Longgeneeskunde, Jeroen Bosch ziekenhuis

Ankie Krol

Ankie Krol

verpleegkundig specialist gynaecologische oncologie, UMC Utrecht Cancer Center

Sessie 17: Samen beslissen

Voorzitter: Janneke verloop

13:30

Gedeelde besluitvorming en Time Out na de diagnose kanker: meerwaarde en mogelijkheden van huisarts en verpleegkundige

Ella Visserman, NFK & Charles Helsper, UMC Utrecht

Gedeelde besluitvorming of Samen Beslissen heeft veel voordelen, maar is moeilijk in de hectische fase na de diagnose kanker. De rol van de verpleegkundige is waardevol voor de patiënt en ook de huisarts kan een belangrijke rol spelen om de patiënt te ondersteunen bij het maken van de juiste keuzes. Maar hoe gaat het in de praktijk, hoe ervaren patiënten de rol van de verpleegkundige en de huisarts? En wat kan de rol van de huisarts en de verpleegkundige zijn in het Samen Beslissen proces. Wat is bijvoorbeeld een Time Out en wat is de meerwaarde daarvan, is dit geschikt voor alle patiënten en maken patiënten hierdoor beter passende keuzes?  In deze sessie informeren we de deelnemers over wat bekend is, geven we reflectie en praten we graag door over de praktijk.

Ella Visserman

Ella Visserman

Belangenbehartiger Kwaliteit van Zorg, NFK

Charles Helsper

Charles Helsper

Onderzoeker, UMC Utrecht

Sessie 18: Best abstracts "Kennis & Wetenschap"

Voorzitter: Nol Verbeek

13:30

O3.1: De invloed van massage en therapeutic touch op het welbevinden van de oncologische patiënt: een explorerend interventieonderzoek naar complementaire zorg binnen de afdeling Medische Oncologie van het Radboudumc

Eefje Thijssen, Radboudumc

13:45

O3.2: Hoe effectief zijn verpleegkundige interventies bij patiënten met kanker nu eigenlijk?

Wendy Oldenmenger, Erasmus MC

14:00

O3.3: Inzage van scores op PROMS binnen het Prospectief Landelijk darmkankercohort (PLCRC) – verbinden van zorg en wetenschap

Kim Kui, UMC Utrecht

14:15

O3.4: Lessen uit de BeCet (NCT01136005) en de COMTT (NCT01265810) studie

Christine Boers-Doets, CancerMed

14:30

Pauze

Parallel ronde V

Zie onderstaand meer informatie met betrekking tot parallelsessie 19 t/m 23

Sessie 19: Terug naar de maatschappij

Voorzitter: Patrick de Vries-Hofman

15:00

Kanker en Werk – Wat kan je vanuit de zorg bieden?

David Bruinvels, instituut voor Klinische Arbeidsgeneeskunde

Als je de diagnose kanker krijgt wordt je leven op zijn kop gezet. Desondanks willen steeds meer mensen hun werk niet laten vallen of hun studie afmaken. Hoe kan je vanuit de zorg mensen daarbij het best begeleiden? In de presentatie zal worden stilgestaan bij de mogelijkheden die je tijdens of na de behandeling kan bieden. Hierbij zullen strategieën zoals “Stay Fit at Work” en “Return to Work” uitgebreid aan bod komen.

15:30

Werkhervatting na kanker - van vooroordeel naar re-integratie

Marja Berkhout, Amsterdam UMC

Werkhervatting na een behandeling van kanker is van belang voor zowel de werknemer die weer aan het werk wil (kwaliteit van leven), als voor de werkgever die keuzes maakt tijdens het re-integratietraject (behoud van menselijk kapitaal). Helaas blijft veel arbeidspotentieel onbenut doordat stigmata werkgevers beïnvloeden. Verwachtingen van werkgevers enerzijds en de mate van arbeidsvermogen van een medewerker met kanker anderzijds lopen vaak niet parallel.

Sessie 20: Optimaliseren van de palliatieve zorg? Multidisciplinair aanpakken!

Voorzitter: Iris sefat

15:00

Wat kan het palliatief team betekenen voor de patiënt/verpleegkundigen op de afdeling?

Nynke Planting, en Jacqueline Holthuis Medisch Centrum Leeuwarden & Sita Splinter-Oostra, St. Antonius ziekenhuis

Binnen de oncologische zorg krijg je als verpleegkundige in het ziekenhuis  met regelmaat met palliatieve, danwel terminale zorg te maken.

Elke patiënt heeft andere klachten en wensen binnen de palliatieve en terminale fase, waar je als verpleegkundige op in moet kunnen springen. In het MCL  en St. Antonius Nieuwegein hebben ze een palliatief team wat hierin kan ondersteunen.

Wat is het palliatief team en wat kan dit team betekenen op de afdeling/voor de patiënt?

Welke disciplines zijn bij dit palliatief team betrokken?

In het hele land volgen steeds meer initiatieven om de terminale zorg op de afdeling aangenamer te maken voor zowel patiënt als familie. Voorbeelden hiervan zijn de waakmand, een hospice kamer of een waakmaatje. Hoe wordt dit vormgegeven in de praktijk? Hoe kun je dit introduceren in je eigen ziekenhuis?

Afdelingshoofd  Sita Splinter van St. Antonius Nieuwegein, Verpleegkundig specialist  Jacquelien Holthuis (MCL) en verpleegkundig consulent Nynke Planting (MCL) zullen aan de hand van ervaringen/casuïstieken handvaten geven voor palliatieve/terminale zorg op de afdeling.

Er is ruimte voor het stellen van vragen en discussies.

Jacqueline Holthuis

Jacqueline Holthuis

verpleegkundig specialist, Medisch Centrum Leeuwarden

Sita Splinter-Oostra

Sita Splinter-Oostra

Afdelingshoofd, St Antoniusziekenhuis Nieuwegein/ Utrecht/ Woerden

Sessie 21: Radio- en protonentherapie

Voorzitter: Maarten van Elst

15:00

MRI Linac

Jochem van der Voort van Zyp, UMC Utrecht

In deze sessie zullen een radiotherapeut-oncoloog uit het UMC Utrecht en HollandPTC twee nieuwe bestraling technieken toelichten; MR-linac en bestraling met protonen.

De MR-Linac is een combinatie van een radiotherapie versneller met een diagnostische MRI. Dit moet leiden tot een preciezere behandeling van de tumor.Door de hoge precisie van de MR-linac is het mogelijk de dagelijkse bestralingsdosis te verhogen waardoor minder behandelingen nodig zijn. Daarnaast zorgt de betere sturing voor minder bijwerkingen, omdat voorkomen wordt dat gezond weefsel mee bestraald wordt. Protonentherapie is een vorm van bestraling die gebruik maakt van protonen in plaats van röntgenstraling. Het belangrijkste voordeel van protonentherapie is dat de protonen bundel geen dosis afgeeft achter de tumor. Hierdoor wordt de dosis straling in het gezonde weefsel verlaagd en vermindert de kans op bijwerkingen. Het voordeel van protonen hangt af van veel verschillende factoren, zoals lokalisatie en grootte van de tumor.

 

15:30

Protonen therapie

Yvonne Klaver, Holland Protonen Therapie Centrum

In deze sessie zullen een radiotherapeut-oncoloog uit het UMC Utrecht en HollandPTC twee nieuwe bestraling technieken toelichten; MR-linac en bestraling met protonen.

Protonentherapie is een vorm van bestraling die gebruik maakt van geladen deeltjes (protonen) in plaats van röntgenstraling (fotonen). Bij de protonentherapie worden de protonen versneld in een cyclotron en op de tumor gericht. Een belangrijke eigenschap van de protonen is dat de geladen deeltjes in de tumor kunnen stoppen, waardoor gezonde weefsels rondom de tumor zo min mogelijk beschadigd worden. Dit kan voor geselecteerde patiënten voordeel bieden.

Protonentherapie wordt wereldwijd al vele jaren toegepast. In 2013 heeft de overheid een Regeling Protonentherapie vrijgegeven waardoor er in totaal maximaal 2.200 patiënten per jaar in Nederland behandeld kunnen worden. In Nederland zijn recent drie centra geopend die protonentherapie aanbieden: in Groningen, Maastricht en Delft.

Om de patiënten te selecteren die het meeste voordeel hebben bij protonentherapie wordt in Nederland gebruik gemaakt van Normal Tissue Complication Probability (NTCP) modellen. Met deze modellen kan een inschatting gemaakt worden van de te verwachten verschillen in bijwerkingen tussen protonen en fotonen. Deze “model based” indicatiestelling gebeurt door middel van een planvergelijking. Daarnaast zijn er indicaties waarbij ingeschat wordt dat protonentherapie altijd voordeel biedt. Deze indicaties worden standaardindicaties genoemd.

Patiënten kunnen voor protonentherapie verwezen worden door een radiotherapeut-oncoloog. Net als bij fotonenbestraling wordt bij patiënten die met protonen behandeld worden een bestralingsplan gemaakt op basis van een plannings-CT, eventueel in combinatie met een MRI en/of PET-CT. Het aantal bestralingen is gelijk aan het aantal dat met fotonen gegeven zou worden voor die indicatie. Patiënten worden tijdens de behandeling in HollandPTC begeleid door een radiotherapeut en een gespecialiseerd verpleegkundige, de zorgcoach. Zij zien patiënt minimaal wekelijks en besteden onder andere aandacht aan bijwerkingen en vragen over de behandeling.

HollandPTC is een zelfstandig poliklinisch centrum voor protonentherapie, wetenschappelijk onderzoek en onderwijs, in Delft. Het is opgericht door Erasmus MC, LUMC en TU Delft. Het is de opdracht van HollandPTC om samen met de andere protonencentra in Nederland de toegevoegde waarde van protonentherapie aan te tonen in samenwerking met de nationale en internationale radiotherapeutische en oncologische gemeenschap. Op basis van wetenschappelijk onderzoek en patiëntervaringen moet protonentherapie een eigen, juiste plaats krijgen in de behandeling van kankerpatiënten.

 

 

Yvonne Klaver

Yvonne Klaver

radiotherapeut-oncoloog, Holland PTC

Sessie 22: Pijn

Voorzitter: Nelleke Gruijters

15:00

Pijnbestrijding anno 2019: total painconcept, medicatie, invasieve pijnbehandelingen, en gelegenheid tot uitwisseling van ervaringen

Hansje Vonk, Rijnstate ziekenhuis

Sessie 23: Best abstracts

Voorzitter: Siska Rekmans

15:00

O4.1: Forse vermindering van bijwerkingen na autologe stamceltransplantatie: resultaat van enkele beleidsaanpassingen

Hanny Overbeek, St. Antonius Ziekenhuis

15:15

O4.2: Richtlijn Ileus in de Palliatieve Fase, wat betekent dat voor jou?

Trudy Wijnen, Sante Partners

15:30

O4.3: Verpleegkundig Innovatie Netwerk

Claudia van Opstal, Radboudumc

15:45

O4.4: Richtlijn ZIP – Zorg in de kliniek voor de kwetsbare Patiënt

Karin Lam, Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis

16:00

Pauze

16:30

Parallel ronde VI

Zie onderstaand meer informatie met betrekking tot parallelsessie 24 t/m 26

Sessie 24: Voeding & Kanker

Voorzitters: Janneke Verloop & Dorien van Benthem

16:30

Voeding vooraf en tijdens behandeling van kanker; vriend of vijand?

Sandra Beijer , IKNL

Voldoende en goede voeding (in combinatie met beweging) zijn nodig om de noodzakelijke behandelingen te kunnen doorstaan, schade door de behandelingen te beperken en het herstel zo goed mogelijk te ondersteunen. Maar wat is voldoende voeding en welke positieve effecten kunnen we van voeding verwachten? En kan voeding ook de behandeling tegen werken?

17:00

‘Hij moet toch eten’ Psychosociale gevolgen van het onvermogen tot eten bij patiënten met kanker en diens naasten

Nora Liza, IKNL

Eten betekent meer dan alleen het binnenkrijgen van voldoende voedingsstoffen. Problemen met eten kan ook emotionele en sociale gevolgen hebben voor zowel de patiënt met kanker als diens naasten. Patiënt en naasten geven aan  behoefte te hebben aan informatie en professionele begeleiding hierbij. Op basis van resultaten uit interviews en een vragenlijststudie is digitaal beschikbare informatie voor patiënten en naasten en een e-learning voor verpleegkundigen ontwikkeld.

Sessie 25: Gevolgen van Behandeling

Voorzitter: Rixt Bode

16:30

Thrombose en kanker; hoe vaak komt het voor en kunnen we eindelijk stoppen met prikken?

Jeroen Vincent, Elkerliek ziekenhuis

Tumor Lysis Syndroom (TLS) ontstaat wanneer tumorcellen een snelle en massale lyse ondergaan.

Hierdoor kan hyperuricemie, hyperkaliëmie, hyperfosfatemie en hypocalciëmie ontstaan en acute (anure) nierinsufficiëntie optreden. Uiteindelijk kan dit resulteren in (fataal verlopende) overvulling en/of hartritmestoornissen.

Tijdens deze presentatie zal uiteen worden gezet bij welke patiënten er een verhoogd risico op TLS bestaat, hoe TLS tijdig herkend kan worden en welke preventieve maatregelen en behandelingsmogelijkheden er zijn.

17:00

TLS: een potentieel levensbedreigende aandoening

Alexandra Herbers, JBZ

Al zeer lang is bekend dat kankerpatiënten een verhoogd risico hebben op een trombo-embolisch event. Armand Trousseau beschreef dit al rond 1860. Het risico hierop is mede afhankelijk van de onderliggende soort maligniteit. De meeste trombo-embolieën vinden bij ambulante patiënten plaats. Inmiddels zijn er scoringssystemen ontwikkeld die dit risico beter kunnen inschatten. Deze worden in Nederland niet veel gebruikt. Ambulante patiënten met een verhoogd risico worden niet standaard behandeld met laag moleculair gewicht heparine. Dit is ook belastend gezien de dagelijkse injecties die deze mensen dan zouden moeten krijgen. Inmiddels zijn er studies gepubliceerd die hebben gekeken of DOAC’s hiervoor gebruikt zouden kunnen worden.

Tot voor kort was bij kanker patiënten met een bewezen trombo-embolisch event een behandeling met een laag moleculair gewichtsheparine (LMWH) de eerste keus van behandeling. Dit n.a.v. de CLOT studie uit 2003 die toen al liet zien dat het risico op een recidief trombose 10% lager was met het gebruik van een LMWH ten opzichte van een vitamine K antagonist.

Sinds een tijdje zijn Direct werkende orale anticoagulantia (DOAC) op de markt. Zij werden eerst ingezet bij atriumfibrilleren en later ook bij veneuze trombo-embolieën. Tot op heden werden zij niet gebruikt bij kankerpatiënten en was het hebben van een maligniteit ook een contra-indicatie voor start van een DOAC.

Inmiddels zijn de eerste studies gedaan met een aantal DOAC’s. Zij hebben mogelijk een waarde bij deze groep patiënten.

Alexandra Herbers

Alexandra Herbers

Hematoloog-Oncoloog, JBZ

Sessie 26: Immuuntherapie of doelgerichte therapie?

Voorzitter: Maarten van Elst

16:30

Als die keuze er is, hoe beslis je dan? Welke overwegingen spelen een rol

Chantal Roth, Amsterdam UMC, locatie VU & Henk Mallo, AvL-NKI

De ontwikkelingen op het gebied van de immuuntherapie en doelgerichte therapieën blijven maar doorgaan. Het komt ook steeds meer voor dat er meerdere keuzemogelijkheden zijn. Welke behandeling geniet dan de voorkeur en op basis waarvan worden de keuzes  gemaakt. Onder andere Biomarkers, tumorload, mutatiefrequenties, maar zeker ook de patiënt, kunnen een rol  spelen bij deze beslissing.

Binnen deze presentatie komen deze overwegingen aan bod en wordt tevens  gekeken naar nieuwe indicaties voor immuuntherapie en de eventuele keuzemogelijkheden. De presentatie wordt ingeleid door een theoretische onderbouwing: wat is immuuntherapie, wat is doelgerichte therapie en hoe werkt het.

  • Theorie Immuun- en doelgerichte therapie. Wat is het en hoe werkt het.
  • Immuuntherapie of doelgerichte therapie, hoe kom je tot een beslissing
  • Nieuwe indicaties (o.a. adjuvante behandelingen )

Afsluiting