arrow_rightarrow_righticon_excelicon_pficon_ppticon_wordmagnifier

Dinsdag 19 november

dinsdag 19 nov

V&VN Oncologiedagen dag I

07:30

Registratie ontbijtsymposia

Ontbijtsymposia

Deelname is inclusief ontbijt

08:00

Ontbijtsymposium I: Kennis en Kunde bij immuun gerelateerde bijwerkingen

Deze ontbijtmeeting wordt vormgegeven door de Themawerkgroep Immuno/Doelgerichte therapie en mede mogelijk gemaakt door BMS

Immuuntherapie wordt steeds breder toegepast in de oncologie en de indicatiegebieden hiervoor breiden nog verder uit in de toekomst. Kennis over het specifieke bijwerkingenpatroon en kunde om deze op de juiste manier te managen is van groot belang.

In deze sessie wordt stilgestaan bij immuun gerelateerde bijwerkingen en specifieke aandachtspunten hierbij. Tevens wordt aandacht besteed aan het centraliseren van behandelingen met immuuntherapie, de overwegingen die hierbij worden gebruikt en voorbeelden besproken waarbij centralisatie van zorg effectief is gebleken.

In de casuïstiek komt het belang van kennis van het specifieke bijwerkingenpatroon aan de orde en het karakteristieke management ervan wordt hierbij geïllustreerd.

08.00 – 08.05     Opening door de voorzitter
Mevr. Sandra Adriaansz, MANP, verpleegkundig specialist, AvL, Amsterdam

08.05 – 08.25     Immuun gerelateerde bijwerkingen
Mevr. Sandra Adriaansz, MANP, verpleegkundig specialist, AvL, Amsterdam

08.25 – 08.40     Centralisatie van zorg  en immuuntherapie
Mevr. Sandra Adriaansz, MANP, verpleegkundig specialist, AvL, Amsterdam

08.40 – 09.15     Casuïstiek
Mevr. Janneke van der Stap, MANP, verpleegkundig Specialist longoncologie, UMC Utrecht

09.15 – 09.25     Vragen + afsluiting
Mevr. Janneke van der Stap, MANP, verpleegkundig Specialist longoncologie, UMC Utrecht

Sandra Adriaansz

Sandra Adriaansz, MANP

verpleegkundig specialist, AvL

Janneke van der stap

Janneke van der Stap, MANP

verpleegkundig Specialist longoncologie, UMC Utrecht

08:00

Ontbijtsymposium II: Nieuwe ontwikkelingen bij hoofd-hals kanker anno 2019

Deze ontbijtmeeting wordt vormgegeven en mede mogelijk gemaakt door Merck

Het behandelgebied van hoofd-hals kanker is constant in beweging. Nieuwe behandelmogelijkheden zijn mooi, maar hoe ga je om met de bijwerkingen, hoe motiveer je een patiënt om een behandeling te ondergaan en hoe zorg je ervoor dat een patiënt die geopereerd moet worden zo fit mogelijk is? Dit zijn de vragen waarop we ingaan tijdens deze inspirerende ontbijtsessie.

08.00 – 08.05            Opening door de voorzitter
Dhr. Jan Ouwerkerk, research coördinator, LUMC, Leiden

08.05 – 08.30            Bijwerkingen in het hoofd-hals gebied: bestaan er effectieve strategieën?
Mevr. Drs. Christine Boers-Doets, medisch strateeg, Cancermed, Wormer

08.30 – 08.55            Motivational interviewing
Dhr. Hans Wijlens, Zenith, the negotiation company

08.55 – 09.20          Prehabilitatie: fysieke voorbereiding op een operatie
Mevr. Dr. Karin Valkenet, onderzoeker en projectleider, UMC Utrecht in beweging, Utrecht
Lees hier meer over haar voordracht

09.20 – 09.30           Vragen + Afsluiting  door de voorzitter

Christine Boers Doets

Christine Boers-Doets

medisch strateeg, Cancermed, Wormer

Hans Wijlens

Hans Wijlens

Zenith, the negotiation company

karin Valkenet

Karin Valkenet

onderzoeker en projectleider, UMC Utrecht in beweging

09:00

Ontvangst + registratie

Opening beursvloer

Plenair ochtend programma

10:00

Opening

Voorzitter V&VN Oncologiedagen

10:05

Welkomswoord

Voorzitter V&VN Oncologie

10:15

KEY-NOTE Lecture: "Eind goed, al goed?"

Sander de Hosson, Wilhelmina Ziekenhuis Assen

Sander de Hosson (longarts) zal in deze openingssessie ingaan op enkele basisprincipes van de palliatieve zorg om vervolgens in te zoomen op de zorg in de stervensfase.

De palliatieve zorg staat toenemend in de aandacht. Zorg voor patiënten die ongeneeslijk zijn is breder dan alleen medicatie geven. Juist psychosociale en existentiële benaderingen zijn in deze fase zeer relevant.

In deze openingssessie zal Sander de Hosson (longarts) ingaan op de basisprincipes van palliatieve zorg om vervolgens te focussen op de zorg in de laatste levensfase: hoe kunnen we de stervensfase markeren? Waarom zijn er veel barrières in het vaststellen van deze fase? Hij zal ingaan op de final common pathway of dying . Ook zal er aandacht zijn voor compassie in de stervensfase en de zorg voor de zorgverleners. Want sommige situaties kunnen een wissel trekken op de zorgverleners zelf. Hoe kunnen we zelf het hoofd boven water houden?

Sander de Hosson is longarts en gespecialiseerd in de palliatieve zorg. Hij schreef columns over zijn ervaringen die gebundeld werden in het boek ‘Slotcouplet’ (de Arbeiderspers, 2018).

 

11:00

Pauze

Vervolg plenair ochtend programma: Informatie voorziening

Voorzitters: Janneke Verloop & Dorien van Benthem

11:30

Gezondheidsvaardigheden, niet vanzelfsprekend

Lidia Barberio, Longkanker Nederland

1 op de 3 Nederlanders heeft moeite om informatie over gezondheid of zorg te vinden, te begrijpen en te beoordelen en op basis daarvan de juiste beslissingen te nemen. Deze mensen zijn beperkt gezondheidsvaardig. Als oncologieverpleegkundige spreek je dagelijks – misschien zonder dat je het weet – met patiënten die slecht kunnen lezen of schrijven of niet gezondheidsvaardig zijn. Ze begrijpen de informatie die je geeft niet goed. Zij weten niet goed wat hun ziekte betekent en wat dit voor gevolgen heeft voor hun dagelijks leven. Ook wordt medicatie daardoor vaak niet goed gebruikt.

Speciaal voor professionals die patiënten met kanker begeleiden zijn praatkaarten ontwikkeld:

  • hematologische kanker
  • prostaatkanker
  • darmkanker
  • longkanker
  • stoma

Deze kaarten ondersteunen je bij de uitleg over kanker, onderzoek en behandelingen. Ze zijn zeer geschikt in gesprekken met patiënten met lage gezondheidsvaardigheden.

Pharos biedt de geaccrediteerde training ‘Effectief Communiceren’. Hier leer je hoe je laaggeletterdheid en lage gezondheidsvaardigheden kunt herkennen.

11:50

Een beeld zegt meer dan 1000 woorden

Maarten van Elst, UMC Utrecht

Daar 1 beeld meer zegt dan 1000 woorden zal Maarten van Elst (verpleegkundig specialist) een presentatie geven over hoe binnen de afdeling oncologische urologie UMC Utrecht, patiëntinformatie in de vorm van brochures, folders en boekjes omgebogen wordt  naar informatievideo’s.

Nieuwsgierig? Klik op deze link   https://vimeo.com/344780652

12:15

Uitreiking Award of Excellence Oncology Nursing

12:30

Lunch

12:45 - 14:15 Lunch symposium I

Deelname inclusief lunch

12:45

Personalised Medicine: nieuwe kansen?

Deze lunchmeeting wordt vormgegeven door de TWG Pulmonale Oncologie van de V&VN Oncologie en mede mogelijk gemaakt door TEVA.

Doelgerichte therapie neemt een niet meer weg te denken plaats in bij de behandeling van kanker. Het is een gebied dat volop in ontwikkeling is. Steeds meer wordt bekend over specifieke DNA eigenschappen van tumorcellen. Er zijn ondertussen ook diverse medicijnen beschikbaar voor de behandeling van specifieke tumorsoorten en eigenschappen.

Een nieuwe ontwikkeling is dat in onderzoeksopzet wordt gekeken of middelen die geregistreerd zijn voor bepaalde tumorsoorten, ook bij andere tumoren inzetbaar zijn op grond van gemeenschappelijke DNA profielen. De stichting Hartwig Medical Foundation speelt hier een grote rol in. De HMF verzamelt genetische en klinische informatie van patiënten en stelt dit beschikbaar voor onderzoek. Op deze manier kunnen via de CPTC1 en DRUP2 studie reeds bekende middelen voor een andere indicatie worden ingezet. Zoals bijvoorbeeld een patiënt met longkanker met een HER2Neu mutatie die behandeld wordt met een medicijn tegen borstkanker.

In deze sessie volop aandacht voor ontwikkelingen in de moleculaire diagnostiek, hoe nieuwe kennis ingezet wordt door het werk van de HMF en hoe zich dit vertaalt in de oncologische praktijk aan de hand van casuïstiek.

1.Center for Personalised Treatment
2. Drug Rediscovery Protocol

PROGRAMMA 

12.45 – 12.50      Opening door de voorzitter
Mevr. M (Minke) Bouma, Verpleegkundig specialist, Treant Zorggroep, Locatie Scheper Ziekenhuis, Emmen

12.50 – 13.15     Waar staat de pathologie in het moleculaire tijdperk
Dhr. Drs. J.L.G. (Hans) Blaauwgeers, Patholoog, OLVG LAB BV, Amsterdam

13.15 – 13.40  Whole genome sequencing in daily practice – how far are we?
Dhr. Dr. P. (Paul) Roepman, Klinisch moleculair bioloog, Hartwich Medical Foundation, Amsterdam

13.40 – 14.05     Via CPCT in de DRUP studie: Casuïstiek
Mevr. G. (Geertje) Houwaart, MANP, Verpleegkundig specialist Longoncologie, Deventer ziekenhuis, Deventer

14.05 – 14.15     Vragen en afsluiting door de voorzitter

Hans Blaauwgeers

Drs. J.L G. (Hans) Blaauwgeers

patholoog, OLVG

Paul Roepman

Dhr. P.(Paul) Roepman

Klinisch Moleculair Bioloog, Hartwig Medical Foundation

Geertje Houwaard

Mw. G. (Geertje) Houwaard, MANP

Verpleegkundig specialist longoncologie, Deventer Ziekenhuis

13:00 - 13:20 Poster Pitch sessie

Waar? Op de Beursvloer

13:00

PP1: Telefonisch Triage voor de Oncologische patiënt

Anne Vos, Radboudumc

13:05

PP2: Palliatieve zorg in de hematologie; voor het te laat is!

Marianne Elshoud, UMC Utrecht

13:10

PP3: Laat de ongeneeslijk zieke patiënt met kanker niet in de steek!

Dorien Tange, Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenorganisaties

13:15

PP4: Risicofactoren voor het ontwikkelen van een veneuze trombose bij oncologische patiënten met een PICC in de bovenarm

Myrthe Le Brun, OLVG

13:30

Parallel ronde I

Zie onderstaand meer informatie met betrekking tot de eerste 5 parallelsessies

Sessie 1: Verpleegkundig landschap

Voorzitter: Iris Sefat

13:30

N.t.b.

Marga Driessen, Medisch Centrum Leeuwarden

Interactieve sessie welke met name gericht is op de twee nieuwe functies, verpleegkundige en regieverpleegkundige, met de specialisatie oncologieverpleegkundige hierbij. Wat voor waarde heeft een inservice opleiding? Wat betekent een CZO erkend diploma oncologieverpleegkundige voor de toekomstige nieuwe functies?
Ten tijde van de oncologiedagen hopen we meer te kunnen vertellen over de nieuwe wet BIG II (invoering regieverpleegkundige).

Sessie 2: Wat is de basis?

Voorzitter: Rixt Bode

13:30

Teveel wit, te weinig rood

Saskia Koekkoek & Otto Visser, Isala ziekenhuis

Bij een forse leukocytose met een vermoede diagnose “leukemie”, volgen diagnostiek en behandeling elkaar vaak in sneltreinvaart op. Wat voor de ene patient goed is is mogelijk schadelijk voor de andere. Bijv. wat doe je bij een leukocytose met kans op symptomen bij  hyperviscositeit en daarnaast ook een diepe anemie. Wel of niet transfunderen?

We nemen jullie a.d.h.v. een casus mee in de beslismomenten van starten van een behandeling bij AML. Hierbij is aandacht voor o.a. transfusiebeleid, bloedingsneiging en stollingsproblematiek.

14:00

Waar ligt de basis in oncologie?

Monique Bos, Erasmus MC

Gaandeweg de jaren is er steeds meer duidelijk geworden over het mechanisme bij kanker waardoor behandeling meer gericht zijn op de specifieke kenmerken van kanker. Dankzij ontdekkingen en uitvindingen, zoals de microscoop, werden er soms grote stappen gemaakt in de inzichten van de behandelingen tegen kanker. Tegen het einde van de 19e eeuw wordt straling ingezet als behandeling tegen kanker. In de jaren ’40 wordt intraveneuze chemotherapie ingezet als behandeling bij patiënten met gevorderde lymfomen. De jaren erna zijn zowel radiotherapie als chemotherapie verder ontwikkeld. Begin jaren ’50 werd het mogelijk om de structuur van het DNA-molecuul te ontcijferen. De kennis rondom DNA is tot de dag van vandaag nog in ontwikkeling. Tijdens de jaren ‘80 werd duidelijk dat cellen bepaalde kenmerken kunnen hebben waarop een specifiekere behandeling gegeven kan worden. Een goed voorbeeld is hormonale therapie. In jaren ’90 werden meer behandelingen uitgaande van dit principe ontwikkeld; de zogenaamde doelgerichte therapie. Tijdens deze sessie staan we stil bij de huidige inzichten rondom kanker en hoe deze gebruikt worden in de ontwikkeling van nieuwe behandelingen.

Sessie 3: Nazorgplan

Voorzitter: Sieta Sijtsema

13:30

Blij met het nazorgplan!?

Belle de Rooij, IKNL & Ankie Krol-Verhaar, Jolanda Kosterman, UMC Utrecht

Jij als bevlogen professional in de oncologische zorgverlening bent ze vast al tegengekomen, de verwijzingen in de oncologische richtlijnen naar de formats nazorggesprekken.

Misschien gebruik je ze al in je dagelijkse werkzaamheden met de oncologische patiënt.

Of ben je net als wij, de tumor werkgroep gynaecologie oncologie, zoekende.  Want op welke wijze worden het nazorggesprek en het nazorgplan  structurele onderdelen van onze oncologische zorgverlening?

Wij zijn als werkgroep in gesprek gegaan met de patiëntenvereniging. Gezamenlijk hebben wij bekeken wat wenselijk is om zowel vanuit de invalshoek patiënt als professional per tumorsoort op te nemen in het nazorgplan.

Graag willen wij onze ervaring delen met jou!

Voorafgaand hieraan zal Belle de Rooij vertellen over haar proefschrift: Zorgplannen afstemmen op individuele behoeften patiënt. En zal ze aangeven wat de resultaten van het nazorgplan zijn voor patiënten.

(Want onze stip op de horizon zijn nazorgplannen op maat per tumor soort die een structureel onderdeel vormen van de richtlijnen. Tevens is dit een appel aan de andere tumor werkgroepen om samen met de patiëntenverenigingen, nazorgplannen op maat te ontwikkelen, te implementeren en als structureel onderdeel van onze zorg te gebruiken. Zodat het doel van de Gezondheidsraad; namelijk goede begeleiding en zorg van patiënten in de herstelfase na kanker een vanzelfsprekendheid is en wordt.

Ankie Krol

Ankie Krol

UMC Utrecht

Sessie 4: Medische technologie

Voorzitter: Maarten van Elst

13:30

Technische innovaties in de oncologie

Joris Jaspers, UMC Utrecht

In deze presentatie zal Joris ingaan op de rol van medische technologie in het ziekenhuis, Hoe komt in de praktijk een nieuw technische innovatie tot stand, wat is de rol van de zorgverleners daarbij, hoe betrekken wij verpleegkundigen bij het innovatie proces. Ook zal er aandacht gegeven worden aan kwaliteit en regelgeving rond ontwikkeling en introductie van  Innovatieve hulpmiddelen in de ziekenhuiszorg met een focus op de Oncologie. Uiteraard is er ruim aandacht voor voorbeelden van projecten die we voor de oncologische zorg hebben uitgevoerd,; van eenvoudige duwondersteuning voor een MDL endoscopie spoedtrolley, tot complexe robotica voor MRI gestuurde prostaat behandelingen.

Joris Jaspers

Joris Jaspers

UMC Utrecht

Sessie 5: Best abstracts

Voorzitter: Celine Gielissen

13:30

O1.1: Patiëntervaringen rondom de thuistoediening van immuuntherapie bij melanoom

Dirk van Rens, Radboudumc

13:45

O1.2: OLVG driehoog achter! Oncologische Zorg Thuis

Iris van Ouwerkerk, OLVG

14:00

O1.3: De Untire app tegen kanker-gerelateerde vermoeidheid

Bram Kuiper, Tired of Cancer

14:15

O1.4: Dosage of pancreatic enzymes: a personalized smartphone application for patients using pancreatic enzymes

Annemarie Roele, UMC Utrecht/RAKU

14:30

Pauze

15:00

Parallel ronde II

Zie onderstaand meer informatie met betrekking tot parallelsessie 6 t/m 10

Sessie 6: Neuro-Oncologie

Voorzitter: Bertha Vroom

15:00

N.t.b.

Ingeborg Bosma, UMC Groningen

Sessie 7: Netwerken in de zorg

Voorzitter: Janneke Verloop

15:00

Trefzekere zorg voor iedere patiënt met kanker!

Floor van Nuenen, UMC Groningen

Trefzekere zorg voor iedere patiënt met kanker houdt in: juiste zorg, juiste informatie, juiste plek. Het toenemende aantal patiënten, complexere behandelingen, centralisatie van (delen van) de behandeling en ongewenste praktijkvariatie maken het noodzakelijk de oncologische zorg anders te organiseren. Om iedere patiënt trefzekere zorg te kunnen (blijven) bieden, is de vorming van oncologienetwerken essentieel. Wat betekent de ontwikkeling van deze netwerken voor de verpleegkundige en welke rol kan de verpleegkundige hierin spelen?

15:30

Het belang van regionale netwerken en de Patient journey in een protonen therapie centrum

Janny Poelman & Hetty Muller, Holland Protonen Therapie Centrum

In 2018 is Holland Protonen Therapie Centrum geopend in Delft. Aan de hand van de patient journey wordt de rol van de verpleegkundig consulent besproken in een centrum voor radiotherapie. De verpleegkundig consulent speelt naast een rol tijdens het voorbereiden van de patiënt op de bestraling, management van bijwerkingen tijdens de bestralingen een belangrijke schakel tussen de patiënt en het verwijzende ziekenhuis.

Sessie 8: 1½ lijnszorg

Voorzitter: Nelleke Gruijters

15:00

Het Specialistisch Thuisconsult Palliatieve Zorg

Ellen Nijs, LUMC

Het Specialistisch Thuisconsult Palliatieve Zorg
Een interventie om ongewenste opnames van patiënten in de palliatieve fase te voorkomen

Veel patiënten in de palliatieve fase van hun ziekte bezoeken de spoedeisende hulp (SEH) in de laatste maanden, weken en zelfs dagen van hun leven. Dit leidt regelmatig tot opname en uiteindelijk  overlijden in het ziekenhuis. Aanleiding voor het SEH bezoek is vaak een ‘ crisissituatie’ thuis welke kan ontstaan door een combinatie van fysieke, emotionele, sociale en existentiële problemen. Om dit te voorkomen kan de huisarts nu tijdens kantoortijden een thuisconsult specialistische palliatieve zorg aanvragen bij het Palliatief Advies Team van het LUMC. Binnen dit project wordt intensief samengewerkt met het Palliatief Advies Team van het Alrijne ziekenhuis, het palliatief netwerk Transmuralis, het regionale consultatieteam palliatieve zorg, de huisartsen en de thuiszorgorganisaties.

Het consult bestaat uit een uitgebreide multidimensionale anamnese; opstellen van een multidimensionaal proactief stappenplan voor en samen met zowel huisarts, wijkverpleging als patiënt en naasten; voorlichting aan patiënt en naasten over de huidige problemen en te verwachte problemen; emotionele begeleiding van de patiënt en naasten en eventueel organiseren van extra zorg thuis. De huisarts blijft hoofdbehandelaar en uiteindelijk verantwoordelijk voor de zorg thuis.

Inmiddels hebben de eerste consulten plaatsgevonden. In de presentatie zullen de eerste resultaten van de inhoudelijke evaluatie van de consulten getoond worden. Daarnaast zal er aandacht zijn voor hoe het thuisconsult heeft bijgedragen aan de verbetering van de transmurale samenwerking.

Sessie 9: Familiezorg

Voorzitter: Willy Niemeijer

15:00

De helende werking van een familiegesprek

Marie Louise Luttik & Gabriëlle Steggerda, Hanzehogeschool Groningen

Het familiegesprek is een verpleegkundige interventie waarbij familie wordt uitgenodigd om gezamenlijk aan tafel te gaan om de zorgsituatie met elkaar te bespreken.

Families doen dit niet vaak en niet gemakkelijk op eigen initiatief. Onderzoek laat zien dat dit gesprek, onder leiding van een verpleegkundige, een helende en verlichtende werking heeft; er ontstaat onderling begrip, vertrouwen en ondersteuning. In deze workshop gaan we aan de slag met het familiegesprek en oefenen we onderdelen daarvan.

Sessie 10: Best abstracts

Voorzitter: Sietske van der Veldt

15:00

O2.1: Zorg voor ouders met kanker

Kim Messelink, Radboudumc

15:15

O2.2: Eten met smaak

Annita van der Meulen, Dijklander Ziekenhuis

15:30

O2.3: Acute huidreacties radiotherapie: Eindelijk landelijke consensus!

Heleen Lintz-Luidens, Radboudumc

15:45

O2.4: Programma betrekt mantelzorgers actief bij postoperatieve zorgverlening

Anne Eskens, Amsterdam UMC

Pauze

16:30

Parallel ronde III

Zie onderstaand meer informatie met betrekking tot parallelsessie 11 t/m 13

Sessie 11: Zwangerschap & Maligniteit

Voorzitter: Sieta Sijtsema

16:30

Zwanger, kanker én behandeling: wel mogelijk

Nelleke Ottevanger, Radboudumc

Nelleke Ottevanger

Nelleke Ottevanger

internist-oncoloog, Radboudumc

16:30

Kanker en een kinderwens; wat nu?

Annelies Bos, UMC Utrecht

Jaarlijks worden in Nederland ca. 2500 jonge meisjes en vrouwen in hun vruchtbare levensfasen geconfronteerd met kanker. De mogelijkheden voor behandeling van kanker bij kinderen en volwassenen zijn de laatste decennia sterk verbeterd en daarmee zijn de overlevingskansen gestegen. Hierdoor is er steeds meer aandacht komen te liggen op de late (negatieve) gevolgen van de behandeling van kanker. Eén van deze gevolgen is het mogelijk optreden van prematuur ovariële insufficiëntie (POI) bij de vrouw en daarmee het verlies van de vruchtbaarheid. Het is aangetoond dat dit verlies een negatieve invloed heeft op de latere kwaliteit van leven. Met de huidige technologie is het mogelijk om eicellen, embryo’s en ovariumweefsel kwalitatief goed te bewaren.  In de laatste decennia zijn er ook vele zwangerschappen ontstaan met gebruik van deze technieken. In een aantal recente nationale en internationale richtlijnen staat genoemd, dat het (mogelijk) verlies van de vruchtbaarheid bij de counseling over de oncologische behandeling door de behandelaren ter sprake dient te worden  gebracht. Het is de verantwoordelijkheid van de oncologisch behandelaar om tijdig te verwijzen naar een fertiliteitsspecialist voor counseling over de mogelijkheden van fertiliteitspreservatie.

Voor vrouwen die uiteindelijk prematuur ovariële insufficiëntie (POI) ontwikkelen  en daarmee hun vruchtbaarheid verliezen, bestaat de mogelijkheid van eiceldonatie. In Nederland is er een tekort aan eiceldonoren. Eiceldonatie is in Nederland onder voorwaarden toegestaan.

In deze presentatie wordt uitgebreid op het onderwerp fertiliteitspreservatie bij meisjes en jonge vrouwen ingegaan. Er wordt ingegaan op de verschillende mogelijkheden van fertiliteitspreservatie, wat kunnen we tegenwoordig? Wat zijn de succeskansen van de verschillende behandelingen? En tot slot wordt ook ingegaan op mogelijkheden van eiceldonatie voor vrouwen die niet meer met eigen eicellen zwanger kunnen worden.

Leerdoelen:

Benoem de leerdoelen van de les (wat kunnen/weten de deelnemers na afloop?).

Na afloop

  • weet de deelnemer de huidige stand van zaken wat betreft de technologie van fertiliteitspreservatie voor de (jonge) vrouw de ontwikkelingen op het gebied van fertiliteitspreservatie
  • kent de deelnemer de voor- en nadelen van de verschillende vormen van fertiliteitspreservatie en kan onderscheid maken welke vorm van preservatie in een individuele casus de voorkeur heeft
  • is de deelnemer op de hoogte van de succeskansen van fertiliteitspreservatie
  • weet de deelnemer het belang van (op korte termijn) verwijzen voor counseling over fertiliteitspreservatie en weet de deelnemer vanuit zijn/haar specialisatie wat de samenwerking met andere disciplines oplevert/kan opleveren.
  • weet de deelnemer meer over indicaties voor eiceldonatie en de gang van zaken rondom eiceldonatie in Nederland.
Annelies Bos

Annelies Bos

UMC Utrecht

Sessie 12: Cancersurvivorship

Voorzitter: Tineke Lammers

16:30

Kankeroverleving

Joyce Vermeer, Helen Dowling Instituut

De kansen op overleving van kanker zijn de afgelopen 50 jaar fors toegenomen. Dat blijkt uit nieuwe overlevingscijfers die Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL), publiceerde over de periode 1961-2015, op basis van data uit de Nederlandse Kankerregistratie.

Maar wat zijn de psychosociale gevolgen hiervan?

Zeker sinds de start van de IT is de overleving van patiënten met vergevorderd longkanker en melanoom toegenomen. Voorheen was de overleving van patiënten met vergevorderd melanoom ca 7 maanden. Op dit moment krijgen patiënten weer een toekomst.

In deze sessie praten we over wat het met patiënten doet als er weer een beetje ligt komt aan de horizon. Is dit reëel of niet? Hoe ga je daar als verpleegkundige mee om?

Sessie 13: Zeldzame Tumoren Onbekende primaire tumor

Voorzitter: Siska Rekmans

16:30

Primaire Tumor Onbekend: Wanneer de bron van uitzaaiingen niet gevonden kan worden

Caroline Loef, IKNL

Patiënten waarbij alleen uitzaaiingen worden gevonden zonder dat de bron (de primaire tumor) kan worden ontdekt, krijgen de “diagnose” Primaire Tumor Onbekend (PTO). Behandeling van kanker is voornamelijk gebaseerd op de primaire maligniteit. Deze is bij PTO-patiënten onbekend, waardoor de behandeling van deze patiënten een uitdaging is. Jaarlijks krijgen ca. 1.500 patiënten in Nederland deze “diagnose”. Slechts 1/3 van de patiënten ondergaat een behandeling. PTO-patiënten hebben de kortste mediane overleving (1,7 maanden) van alle kankerpatiënten. [Schroten et al. 2018]

Snelle en sensitieve diagnostiek is essentieel, welke bij voorkeur zo min mogelijk belastend is voor de patiënt. Naast beschikbaarheid van nieuwe sensitievere diagnostische technieken is bekendheid met en routine in (be)handelen cruciaal in de zorg voor patiënten met PTO. Zorgprofessionals spelen hierin een belangrijke rol. PTO-patiënten ervaren meer onzekerheden rondom diagnose, behandeling en overleving. Dit maakt dat er tevens veel aandacht moet zijn voor psychosociale ondersteuning.

Pas in 2012 werd in Nederland de eerste richtlijn voor PTO gepubliceerd ter ondersteuning van medisch specialisten. (Inter)nationale richtlijnen voor de primaire tumor onbekend richten zich veelal op diagnostiek en in mindere mate op behandeling (ESMO, SEOM, NCCN). De PTO-richtlijn van NICE focust voornamelijk op logistiek rond patiëntenzorg en minder op de diagnostiek. [Schroten et al. 2015] Op dit moment is er geen goed beeld van het gebruik en de gebruiksvriendelijkheid van de richtlijn en het moment waarop de PTO-richtlijn tot hulp is voor de zorgprofessional.

Uit recent onderzoek in drie ziekenhuizen is gebleken dat PTO-patiënten momenteel niet alle aanbevolen diagnostiek vanuit de richtlijn ondergaan. Opvallend genoeg ondergaan zij gemiddeld wel 7 keer beeldvormende diagnostiek, waarbij de conditie van de patiënt geen rol lijkt te spelen. Conditie bleek echter wel een belangrijke factor voor het ontvangen van therapie.

Ten bewustwording van de problematiek rond PTO zal IKNL eind 2019/begin 2020 een rapport uitbrengen met het thema ‘Primaire Tumor Onbekend’ waarin ervaringen vanuit patiënten perspectief, maar ook het perspectief vanuit naasten/nabestaanden en behandelaars opgeschreven staan. Voorts zullen in dit rapport handvatten gegeven worden om met elkaar in discussie te gaan over hoe de diagnostiek, behandeling en de zorg van PTO-patiënten verbeterd kan worden in Nederland.

17:00

Zeldzame kanker: je zult het maar hebben

Carla van Herpen, Radboudumc

We spreken van een zeldzame kanker wanneer minder dan 6 nieuwe patiënten per jaar per 100.000 mensen gediagnosticeerd worden. Voor Nederland betekent dit minder dan ongeveer 1000 nieuwe gevallen per jaar. Voorbeelden van een zeldzame kanker zijn sarcomen (dit zijn tumoren van de weke delen of het bot), schildklierkanker, hersentumoren, hoofd-halskanker en speekselklierkanker. Per jaar krijgen ongeveer 22.000-23.000 mensen in Nederland de diagnose van een zeldzame kanker, wat inhoudt dat één op de vijf patiënten die te horen krijgt dat hij kanker heeft een zeldzame kanker heeft.

Recent heeft de Nederlandse Kankerregistratie (NKR) aangetoond dat in Nederland de 5-jaarsoverleving van patiënten met een zeldzame kanker in de periode van 1995 tot 2016 nagenoeg gelijk is gebleven, deze steeg van 50 naar 56% (dus 6%), terwijl deze voor de niet-zeldzame kankers in dezelfde periode steeg van 59 naar 72% (dus 13%). Het huidige verschil is dus uitgegroeid tot 16% ten nadele van de zeldzame kankers.

Zeldzame kankers hebben een aantal gemeenschappelijke problemen, die een oorzaak kunnen zijn voor deze slechtere prognose.

Tijdens mijn voordracht zullen we deze problemen en ook mogelijke oplossingen hiervoor besproken worden. Daarnaast zal ook gepraat worden over de eenzaamheid die patiënten met een zeldzame kanker vaak ervaren.

Carla van herpen

Carla van Herpen

Radboudumc

17:30

Plenaire afsluiting

18:30

Ontvangst avondsymposium

inclusief diner buffet

19:00

Avondsymposium II: Seks in je gesprek – seksualiteit en intimiteit in de spreekkamer

Dit avondsymposium wordt vormgegeven en mede mogelijk gemaakt door Pfizer.

Voor vrouwen (en mannen) met borstkanker leek seksualiteit lange tijd geen issue; eerst overleven. Nu borstkanker steeds beter te behandelen is, is de kwaliteit van leven vaker onderwerp in de spreekkamer. Seksualiteit en intimiteit maken daar onmiskenbaar deel van uit. Maar hoe breng je iemands seksleven ter sprake als onderdeel van goede borstkankerzorg?

Seksualiteit is vaak ‘de olifant in de kamer’: het probleem is overduidelijk aanwezig en je weet dat je het met elkaar als zorgteam, ergens in het zorgpad, bespreekbaar zou moeten maken.

Tijdens dit avondsymposium staan we stil bij dit onderwerp, de achtergrond maar ook hoe dit praktisch in jouw centrum aangestipt kan worden.

19.00 – 19.05 Opening door de voorzitter
Jan Ouwerkerk, research coördinator, LUMC, Leiden

19.05 – 19.20  Ervaringsdeskundige
Kim Gringhuis-Ottens

19.20 – 19.25  Kennismaking met de zaal

19.25 – 19.40 Seks in je gesprek vanuit het patiënten perspectief
Mirjam Velting, programmamanager Kwaliteit van leven,Borstkankervereniging Nederland

19.40 – 19.50 Seks in je gesprek kennisquiz

19.50 – 20.05 Seksualiteit en intimiteit hoe gaan we er mee om in het ziekenhuis?
Henk Elzevier, seksuoloog en uroloog, LUMC, Leiden

20.05 – 20.20 Interactieve sessie in de zaal; hoe breng je de beleving van intimiteit als  onderdeel van goede borstkankerzorg ter sprake?

20.20 – 20.50 Pauze

20.50 – 21.10 Panelexperts aan het woord

21.10 – 21.20 De Roze Olifant; een projectaanpak om seksualiteit en intimiteit in de spreekkamer op tafel te leggen
Jannet Wiegersma, verpleegkundig specialist, Flevoland ziekenhuis, Almere

21.20 – 21.30 Wat ga je morgen anders doen?

De Roze Olifant is een samenwerkingsproject van de werkgroep Seks in je gesprek, gevormd door vertegenwoordigers van Borstkankervereniging Nederland (BVN), Sick and sex, zorgverleners die passie hebben voor het onderwerp en Pfizer Oncology

 

Mirjam Velting

Mirjam Velting

programmamanager Kwaliteit van leven bij, Borstkankervereniging Nederland

Henk Elzevier

Henk Elzevier

seksuoloog en uroloog, LUMC, Leiden

Jannet Wiegersma

Jannet Wiegersma

verpleegkundig specialist Flevoland ziekenhuis, Almere

21:30

Borrel